Sofie Van Loo

Langs-schappen - Trans-scapes

Tinka Pitoors, Gene d'avoir, Gene d'artiste, Gene d'appetit, uit

reeks van 8 tekeningen, 8 hoofdzonden, 2006, 107 x 72 cm., inkt, pastel, pot-

lood, draad, nykon op papier 72 cm., inkt, pastel, potlood, draad, nylon op

papier.

Uit de op elkaar inwerkende en soms moeilijk van elkaar te onderscheiden

krachten van natuur en cultuur, tussen binnenhuis- en 'buitenhuis'-architectu-

ur, tussen natuurlijke en arti fi ciële huid, ontwaakt en ontwart de speelse en

poëtische teken- en verbeeldings- en kleurrijke installatiekunst van Tinka

Pittoors waarbij een tactiele blik, de optische steeds vergezelt. Met haar

nomadische, zorgvuldige uitgekozen materialen variërend van vergeten

spullen en rommel over met symboliek overbeladen materialen, creëert ze

landschaps- en dorpsinstallaties met kathedraal incluis. Microkosmosjes,

getiteld Worldenlargments (2005) met minibakstenen optrekjes, kleine

grasperkjes met allerlei lollige, uit de Pittoors' verbeelding ontsproten

bouwseltjes herinneren ons aan de Vlaamse neiging naar het bouwen van

koterijen in achtertuintjes. Haar stillevens/ natures mortes lijken architec-

turale landschapsmaquetten voor mini-prinsen en mini-prinsesjes. In foto's

op af fi cheformaat worden deze microkosmosjes in een schaalvergroting

weergegeven waardoor ze soms nog absurder en meer confronterend, maar

ook abstracter worden. Naast spelen met schaal, speelt ook kleur in Pittoors'

(installatie)werk een belangrijke rol. Kleur verwijst steeds nog vóór dat het

naar een object verwijst, naar zichzelf. Knalgroene mini-bergen krijgen

andere vorm- en betekenislagen in verschillende constellaties. Daarnaast

maakt Pittoors ook membraanachtige celstructuren uit textiel en stof die met

elkaar vergroeid zijn, op elkaar invloed lijken uit te oefenen, maar zich ook in

hun eigen cocoon lijken te kunnen terugtrekken Werken met titels als

Proposition pour une écriture supérieure en Silent Skyboxing zien in 2006

het daglicht. In Vide (2005) breekt een DNA-achtige structuur uit een plas-

tieken omhulsel, alsof de mens uit de kosmos kruipt of de kosmos uit de

mens. Tinka Pittoors schreef   in haar tekst Border: Reality is a system of illu-

sions. As soon as you understand the system you can start creating and

adding illusions. My works are a poetry of the impossible, they investigate

the way we tune our perception of reality through our desires and concep-

tions. They question the duality of life and our drive to give meaning: only

through the existence of danger, protection makes sense.

In haar tekeningen Gêne d'avoir, Gêned'artiste en Gêne d'appétit, wordt de

relatie tussen de gène (erfelijkheidsfactor/ gen), ook al aanwezig en de gêne

(verlegenheid, verwarring, kwelling, verstoring enz.) van het bezit(ten)/ beze-

ten worden, de kunstenaar/ het kunstenaars-schap en het verlangen, de

begeerte, de eetlust en de honger,   langs het spanningsveld 'natuur-cultuur'

gesuggereerd. In Gêne d'avoir lijkt een huidvormige bal, 'een' lichamelijke

aardebol ingekapseld tot bloedens toe, in Gêne d'artiste krijgt een in bloei

staande boom in de verbeelding van de bloedende kunstenaar vorm en in

Gêne d'appétit wordt langs een 'blauwe kinderwolk' een kosmische, eclips-

aandoendende abstractie geboren.